Alles over sport logo

Omnivereniging Kampong wil meer zijn dan alleen een plek om te sporten

Voor elke sportvereniging zijn er volop mogelijkheden om duurzaamheidsdoelstellingen te behalen. Hoe groot of klein deze club ook is. Dat is de mening van Ger Offringa, federatiemanager van Kampong in Utrecht. “Wij hebben zeker voordeel van onze schaalgrootte als grootste omnivereniging van Nederland, maar het zit ‘m vooral in andere aspecten, zoals vasthoudendheid”, zegt Offringa. “We zijn in ieder geval gelukkig met wat we tot nu toe samen hebben bereikt.”

SV Kampong, gelegen in de buurt van de A27 en FC Utrecht, telt zes sportverenigingen met hockey als de bekendste. Daarnaast maken voetbal, tennis, cricket, squash en jeu-de-boules SV Kampong tot een vereniging van meer dan 6.500 leden. Er zijn negen hockeyvelden, zes tennisbanen, zeven voetbalvelden, een cricketveld en jeu-de-boulesbanen.

“Sporten, gezondheid en duurzaamheid zijn de speerpunten van Kampong. We hebben wat dat betreft de naam, er zijn grote partijen die ons steunen en we kunnen het breder aanvliegen. Dat realiseren wij ons. Maar het echte verschil maak je met hoe je het aanpakt: vasthoudend en slagvaardig.” Volgens Offringa is ook belangrijk dat je de weg weet te vinden in subsidieland en de juiste contacten met de gemeente onderhoudt.

“Allemaal hebben we de passie om dit samen te doen. Daar begint het mee. We willen in ieder geval meer zijn dan een sportvereniging, waar je alleen maar komt om te sporten en daarna weer gaat. We vinden het belangrijk om onze leden ook wat mee te geven.”

Draagvlak

De kunst is om zes verenigingen met hun eigen belangen daarin mee te krijgen. Een hels karwei toch? Om Offringa daar een passend antwoord op te laten geven, is het goed om de verenigingsstructuur te bekijken. “We zeggen weleens dat ‘het de bal is die ons bindt’. Ik ben van de hardware, dus van de panden en het terrein en werk voor het federatiebestuur. Daarin is elke vereniging vertegenwoordigd. We gaan ervan uit dat als er overstijgende projecten zijn op het gebied van duurzaamheid, er voldoende draagvlak is binnen die verenigingen.”

“Een andere ontwikkeling is dat we open staan voor wat er in onze omgeving allemaal gebeurt. Neem nu de verbreding van de A27, die van invloed is op de gezondheid van onze sportende leden. Daar spreken we ons over uit. Dat woordje ‘open’ moet je letterlijk nemen, want we willen ons sportcomplex veel meer openstellen voor ongeorganiseerd sporten. Daarover zijn we in gesprek met het bedrijfsleven en betekent toch wel een verandering in denken en doen, want in het verleden waren sportclubs toch redelijk in zichzelf gekeerd. Dat gold ook voor ons.”

Verhuurders

In dat licht moet ook de aanwezigheid van bepaalde verhuurders op het complex en de grote partijen die zich samen met SV Kampong inzetten voor duurzaamheid, gezien worden. “Naast een fysiopraktijk, faciliteren we ook een organisatie die zich bezighoudt met het organiseren van sportkampen voor de jeugd en een zogenaamde sport bso. Die kinderen gaan dan binnen- of buitensporten. Met Heineken willen we toe naar zoveel mogelijk alcoholvrij bier en met Vrumona promoten we meer suikervrije dranken. Samen met de Rabobank zetten we in op gezonde voeding in ons clubhuis.”

“Dat nieuwe clubhuis is sinds vorig jaar grotendeels van het gas af en wordt verwarmd door warmtepompen die hun energie bijna helemaal van de zonnepanelen op het pand krijgen”, somt Offringa verder op. “Die zonnepanelen zijn gekomen op initiatief van de leden. Daarnaast is de led-veldverlichting nagenoeg overal aangelegd en dat geldt ook voor de watertappunten.”

Ringslang

Maar bij SV Kampong gaan ze – of beter gezegd zijn ze al – verder dan de ‘traditionele’ duurzaamheidsmaatregelen. Op het hele terrein zijn in totaal 76 nestkasten voor koolmezen en spreeuwen, twee spreeuwentillen, negentien kleine en twee grote vleermuiskasten, vier egel- en marterkasten en zes insectenhotels geplaatst.
“En er zitten ook al vogeltjes in. Verder zijn er fruitbomen geplant, is de beplanting aangepast en zijn er extra bloembakken neergezet. We sluiten zo aan bij het beleid van de gemeente om sportparken groener te maken en de biodiversiteit te vergroten. Dat laatste vinden we belangrijk, omdat we aan de ene kant met de diverse kunstgrasvelden natuurlijk niet zo milieubewust bezig zijn, terwijl we met de voetbal en cricket ook weer grasvelden hebben. We zoeken steeds die ecologische balans.”

“Op ons complex heb je slootjes, knotwilgen, bospartijen en de medewerkers van de buitendienst hebben zelfs wel eens een ringslang gespot. Je ziet bij ons ook roofvogels, sowieso veel vogels, waarvan een aantal ook weer een gedeelte van de eikenprocessierupsen opeet. We willen al die natuur die we hier hebben niet alleen koesteren, maar ook bevorderen en aanjagen.”

“We zijn nu samen met de gemeente bezig met laadpalen voor elektrische auto’s op het terrein. Dat hopen we eind van het jaar te realiseren. Ook willen we de weggetjes op ons complex zoveel mogelijk inrichten voor sportgebruik. Een sportboulevard noemen we dat en we hebben plannen om de ondergrond op ons plein waterafvoer-vriendelijker te maken.”

Bomvol

Tot slot: waar wil Offringa uiteindelijk naartoe met SV Kampong op het gebied van duurzaamheid? “We zetten geen stip aan de horizon, we doen alles stapje voor stapje. Heel veel komt op, op het moment dat je ermee bezig bent. Deze coronatijd dwingt je ook om creatiever te zijn. Bijvoorbeeld als je kijkt naar de financiering. Sponsors kunnen in deze tijd op een wand of muur bepaalde reclame-uitingen aanbrengen die te maken hebben met duurzaamheid. Zij betalen de productiekosten, wij regelen de rest. Eén ding maakt corona wel duidelijk: als je een bomvol clubhuis hebt met een grote baropbrengst, dan gaan ook duurzaamheidsprojecten toch net even wat gemakkelijker.”

Auteur(s)

Beleid
Sportaanbieders
public, professional
praktijkvoorbeeld
duurzaamheid, sportbestuur, waarde van sport en bewegen